Pax wil compensatie en verzekeringsgeld. Niet dus.
Een consument met een vertraging van 22 uur op een vlucht van Parijs maar Abu Dhabi vorderde vergoeding van zijn extra kosten bij zijn reisverzekeraar. De vaste compensatie van € 600,00 vanwege de vluchtvertraging van meer dan 3 uur op deze afstand had de consument al wel ontvangen.
De consument vorderde nog de extra kosten die gemaakt werden, zoals kosten voor maaltijden, lokaal vervoer en kosten voor het omboeken van een aansluitende vlucht.
De reisverzekeraar wees dit af. De passagier wendde zich daarom tot de geschillencommissie; het Kifid.
De commissie is van oordeel dat de gevolmachtigde de schadeclaim van de consument op basis van de voorwaarden en het indemniteitsbeginsel heeft mogen afwijzen. De klacht is ongegrond en de vordering wordt afgewezen.
De consument stelt op grond van de voorwaarden recht te hebben op een vergoeding van €350,- voor de ontstane vluchtvertraging van 22 uur. De compensatie die door de luchtvaartmaatschappij op grond van EG-verordening EG 261/2004 is betaald, is volgens de consument een vaste wettelijke compensatie voor ongemak en verlies van tijd.
De daadwerkelijk door de consument gemaakte kosten zijn niet door de luchtvaartmaatschappij vergoed. Artikel 12 van EG-verordening EG 261/2004 staat passagiers bovendien uitdrukkelijk toe om aanvullende compensatie of terugbetaling te vorderen boven het vaste bedrag dat door de luchtvaartmaatschappij wordt betaald.
Omdat de consument € 600,00 heeft teruggekregen — een bedrag dat zowel zijn werkelijke uitgaven (ad € 235,20) als de maximale vergoeding van € 350,00 onder de reisverzekering overschrijdt — bestaat er geen verder verlies dat door de gevolmachtigde hoeft te worden vergoed. Het uitbetalen van een extra vergoeding van € 350,00 zou leiden tot een onrechtmatige verrijking van de consument. Hij zou dan voor dezelfde vertraging tweemaal een vergoeding ontvangen. Dit is volgens de gevolmachtigde in strijd met het indemniteitsbeginsel.
Het beroep op artikel 12 van EG-verordening 261/2004 kan de consument ook niet baten. Op grond van lid 1 van dit artikel kan de uit hoofde van de verordening toegekende compensatie op eventueel verdere compensatie in mindering worden gebracht. De gevolmachtigde mocht de door consument verkregen compensatie van de luchtvaartmaatschappij dan ook in mindering brengen op het bedrag waarop de consument op basis van de reisverzekering aanspraak had kunnen maken. Zeker, aangezien de consument anders in een duidelijk voordeliger positie zou komen en dit zich niet verhoudt met het indemniteitsbeginsel.
De vordering werd daarom afgewezen.
Het is ons overigens onduidelijk waarom de consument de extra kosten niet gewoon gevorderd of gekregen heeft van de luchtvaartmaatschappij. Die dient de extra kosten normaliter altijd te vergoeden. Ongeacht of sprake is van buitengewone omstandigheden. Mocht u een vordering of vraag hebben specifiek over een geschil met een luchtvaartmaatschappij, dan kunt u ook contact met ons opnemen via info@reisrecht.nl of www.reisrecht.nl bezoeken https://www.reisrecht.nl/recht-op-compensatie-bij-vluchtvertraging/
Zie uitspraak : https://www.kifid.nl/media/2z1hm5uo/uitspraak-2026-0489.pdf
